burnout

Herstellen na een burnout: ‘Ben je alweer de oude?’

Mijn periode van overspannenheid/burnout ligt achter me. Ben ik dus hersteld? Ja! Ben ik weer de oude? Nee! (Gelukkig niet!)

Overspannen zijn of burnout is niet alleen maar vernederend en zwaar balen, het is ook louterend. Want als je tegen een muur aanloopt, dan weet je dat je iets veranderen moet. Je hebt weinig keus. Zo was het ook voor mij. Ik moest aan de bak. Ontdekken welke ingesleten ongezonde patronen ik had en schiften: wat moet weg, wat mag blijven?

Iets dat achter je ligt

En langzamerhand kwam er weer ruimte en werd het lichter. Dan komt het moment dat die burnout iets is wat je hebt meegemaakt. Iets dat achter je ligt. Heel fijn natuurlijk. Maar dat kan ook een valkuil worden, dat je denkt: ‘Ik weet nu hoe het zit en het overkomt me nooit meer.’

Want leuk of niet, je burnout blijft een zwakke plek. Net zoals je in je lijf zwakke plekken kunt hebben. Zo heb ik een zwakke rug en als ik niet preventief wekelijks mijn yoga oefeningen doe, zit alles binnen de kortste keren vast en betaal ik de rekening.

Stoere taal

Het is tegenwoordig nogal populair om in strijdbare terminologie over ziekte en ongemak te spreken. ‘Ik ga de strijd aan met die ziekte…’ of ‘Ik heb die ziekte overwonnen’. Dat is natuurlijk gewoon stoere taal, want het leven is niet maakbaar en ziekte heb je niet in de hand. Leven is een bumpy road.

Tegelijkertijd ontdekte ik wel dat mijn klachten het gevolg waren van ingesleten patronen. Te lang leefde ik volgens deze ongezonde gewoontes. Zoals te optimistisch plannen, waardoor ik de dag op de hoogste versnelling doorjakkerde om maar alles op mijn lijstje af te krijgen. Of was ik voor alles en iedereen aan het zorgen, maar vergat ik mezelf. En wilde ik alles supergoed doen, zowel thuis, op mijn werk als in mijn sociale leven…

Slechte gewoontes inruilen voor goede

Er moest dus duidelijk iets veranderen, wilde ik niet binnen no-time weer uitgeteld op de bank belanden. Het heeft mij geholpen om die slechte gewoontes niet alleen te leren zien en daarmee te stoppen (met vallen-en-opstaan), maar om ze in te ruilen voor goede gewoontes. Concreet ben ik een aantal dingen anders gaan doen:

1. Realistisch plannen: Niet meer de dag beginnen met een giga-to-do-lijst, maar een paar dingen waarvan ik weet dat het lukt zonder mezelf voorbij te hollen. En na elk ding, even pas op de plaats, zodat ik met aandacht weer aan het volgende kan beginnen. Het idee van multitasken heb ik ook helemaal laten varen. Gewoon een ding tegelijk en afronden. Dat geeft veel meer rust in mijn hoofd en ik houd energie over aan het eind van de dag.

2. Offline tijd: wat in mijn geval goed werkt, is de afspraak tussen mijn man en mij: ik slaap uit op zaterdag en hij op zondag. De hele zaterdagochtend breng ik door in een heerlijke sluimertoestand. Ik hoef geen ruzies op te lossen tussen mijn kids, heb geen telefoon in de buurt, maar ik lees wat, schrijf wat in mijn dagboek en ik mijmer. Wat knap ik op van die wekelijkse offline tijd!

3. Het is goed genoeg: Ik poets mijn wc een keer per week en stof zelden. Ik heb love-handles en pluk aan mijn nagels. Ik spreek alleen met mijn vriendinnen af als ik de energie heb om echt naar ze te luisteren. Kortom: ik ben geen supervrouw. So what? Het is goed genoeg. Wat een heerlijke opluchting!

Weer de oude?

Pas sprak ik met een vriendin over hoe het nu met me gaat. En ze vroeg of ik alweer de oude was na mijn burnout. ’Nee’, zei ik. ‘De oude ben ik niet.’ Om er na een korte stilte aan toe te voegen: ‘Gelukkig niet.’ En dat meen ik. Ik ben veranderd. Mijn levenstempo ligt lager dan voorheen. Ik leef anders. Bewuster. Is dat jammer? Nee, ik zie dat vooral als winst. Als een onverwacht cadeau van mijn burnout.

Laat een reactie achter





Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.