vader

Onlangs had ik een gesprek met mijn vader over de grote problemen van onze tijd. Soms doen we dat. Even als vader en dochter een boom opzetten. De tijdgeest analyseren en bedenken wat er volgens ons nodig is. En nog altijd liggen onze politieke opvattingen flink uit elkaar. Waar mijn vader meer is van de ‘harde lijn’, ben ik een echte linkse dame. Een softie, zo je wilt.

Zoals men ijzer met ijzer scherpt

Toch geniet ik van deze gesprekken. Want het is waar, zoals mijn vader vaak het gezegde citeert: ‘Zoals men ijzer met ijzer scherpt, zo scherpt de ene mens de ander’. Ik ben trouwens geen echte debater, dus zo’n gesprek is voor mij meer een zoeken naar woorden. Pas later vormen die stukjes een puzzel. Soms. Zo ook deze keer.

We hadden het over maatregelen die rechtse politici willen nemen om de vluchtelingenstroom in te dammen. Volgens mijn vader hard nodig, omdat je alleen mensen moet helpen die deze hulp echt nodig hebben. ‘Er zijn mensen die helemaal geen vluchteling zijn. Kijk maar naar hen die hier de status vluchteling hebben en dan vervolgens doodleuk op vakantie gaan naar hun geboortegrond.’

Zijn we niet allemaal gelukszoekers?

Hij had nog een andere troef: ‘En wat denk je van die mensensmokkelaars? Zij zijn het die van deze situatie profiteren. Als er geen mensen meer naar Europa willen, zijn zij hun lucratieve handel kwijt.’ Ja, moest ik natuurlijk toegeven. Er zijn inderdaad mensen die misbruik maken van deze situatie. Mensen die geen gevaar lopen in hun eigen land en toch op zoek gaan naar meer geluk, een beter leven, kansen voor hun kinderen.

Al vraag ik me af of je hen recht doet door hen weg te zetten als ‘gelukszoekers’. Zijn we niet allemaal gelukszoekers? Is het niet heel menselijk om te zoeken naar een beter leven? Maar oké, er zitten natuurlijk echte profiteurs bij. En als slechtste voorbeeld zijn dat natuurlijk de mensensmokkelaars. Mensen die zonder geweten profiteren van de kwetsbare positie van anderen.

Geleuter vanaf de sofa

Het zijn heel ingewikkelde vragen. En ik zit in een veilige en comfortabele positie. Dan moet je natuurlijk erg oppassen voor geleuter vanaf de sofa. Wat weet ik van oorlog, van vluchten, of van de smerige handel ten koste van mensen? Toch raakt zo’n gesprek iets wezenlijks. Iets waardoor er een vuurtje in me ontbrandt.

Want dit gaat volgens mij uiteindelijk om waarden. Hoe willen we leven? Wil je een open samenleving zijn? Zo ja, dan betekent dat dat je mensen wilt opvangen die in nood zijn, ook al zullen er altijd mensen zijn die hier misbruik van maken.

En als je je deuren sluit, hoe begrijpelijk soms ook, dan verlies je iets wezenlijks. Je houdt niet alleen ‘de vijand’ of ‘de profiteur’ buiten de deur, je zet jezelf gevangen. Je levert je openheid in voor gevangenschap.

De ultieme waarde die we altijd moeten verdedigen

En zo kwam het er een beetje met horten en stoten uit: ‘Maar hoe wil je dan leven pa? Uit angst of uit vertrouwen? Ja, er zullen altijd mensen zijn die misbruik maken van ruimhartigheid. Maar is het niet veel mooier – sterker nog, is het niet onze opdracht – om ruimhartig te zijn? Is dat niet de ultieme waarde die we ten allen tijde moeten verdedigen?’

Een goede politicus zal ik nooit worden. Ik heb geen klinkende oneliners. Daar stotter en stamel ik te veel voor. Maar ik ben wel een groot voorvechter van een open samenleving. En ja, een open samenleving is kwetsbaar. Dat is namelijk inherent aan die openheid. Je loopt af en toe blauwe plekken op.

Gekke Henkie

In tijden van de harde lijn voel ik me dan ook weleens ‘gekke Henkie’. En toch. Toch leef ik liever uit vertrouwen, dan uit angst. Die manier van in het leven staan, geldt overigens ook op persoonlijk vlak. Als ik me open opstel, kan ik gekwetst worden. Richard Rohr kan dat allemaal veel mooier zeggen. Luister maar:

“Did you ever imagine that what we call ‘vulnerability’ might just be the key to ongoing growth? In my experience, healthily vulnerable people use every occasion to expand, change and grow.

Yet it is a risky position to live undefended, in a kind of constant openness to the other, because it would mean others could sometimes actually wound you (from vulmus – ‘wound’).

But only if we choose to take this risk do we also allow the exact opposite possibility: the other might also gift you, free you, and even love you. But it is a felt risk every time. Every time.”

(Richard Rohr, the Divine Dance, p. 57).

6 reacties

  1. Michaela op april 29, 2017 om 1:25 pm

    Ach alweer zo raak xx

    • lachomjezelf op mei 1, 2017 om 6:38 am

      Dankjewel Michaela, ben blij met zo’n trouwe lezer en aanmoediger als jij! 🙂

  2. Gonja Hikspoors op mei 1, 2017 om 10:30 am

    Geweldige column en mooie afsluiting. Zo is t, als je je afsluit, mis je ook de goede dingen en ontwikkel je niet.

    • lachomjezelf op mei 1, 2017 om 12:40 pm

      Dankjewel Gonja!

  3. Wilma op juli 30, 2018 om 7:59 pm

    Mooi geschreven en zo herkenbaar. En ook hier, liever open en kwetsbaar dan (op)gesloten. Mooie afsluiter van Richard Rohr!

    • lachomjezelf op juli 31, 2018 om 7:08 am

      Dankjewel Wilma! Ja, Richard Rohr is een held 🙂

Laat een reactie achter





Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.